Dynamische Kracht

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu

Geestelijke talen

Inspiratieuitingen
 



4.2 Geestelijke talen

Deze uiting van verschillende geestelijke talen is een inspiratie-uiting van de heilige Geest.

Het spreken in (beter: van) geestelijke talen:

is niet: talenkennis. Omdat het een uiting van de Geest van God is, is er geen sprake van een menselijke, natuurlijke begaafdheid in het gemakkelijk leren van een taal; het heeft niets te maken met het al dan niet hebben van een talenknobbel.
En het heeft niets te maken met enige menselijke intelligentie.

is niet: een magisch besproken worden.
Hierbij is namelijk de wil van de mens uitgesloten.
Het heeft bovendien niets te maken met enige vorm van trance of van extase.

is wel: een geestelijke uiting van de heilige Geest, waarbij Hij mij uitnodigt in geloof mijn spraakorganen te gaan gebruiken onder zijn inspiratie.
Handelingen 2:4: “... en allen werden vervuld van de heilige Geest en begonnen op luide toon te spreken in vreemde talen, zoals hun door de Geest werd ingegeven.”

is wel: het uitspreken van één van de op het ogenblik zelf geïnspireerde talen, waarover de heilige Geest de beschikking heeft en die Hij geeft.
Hierbij spreek ik, gebruik makend van mijn lippen, longen en stembanden.
De Geest vormt daarna de woorden, de taal, of van mensen of van engelen.

is wel: een voor mij onbekende taal (1 Korintiërs 14:14 – “Want als ik bid in een geestelijke taal, bidt mijn geest wel, maar mijn verstand blijft onvruchtbaar.”
Anderen zouden mogelijk de taal herkennen.
Er hebben zich situaties voorgedaan (en ongetwijfeld nu ook nog) waar de gesproken geestelijke taal door anderen werd herkend als een bestaande of bekende taal.
Bijvoorbeeld: door een student in de theologie werd een geestelijke taal herkend als oud-Hebreeuws.
De spreker zelf had deze taal nooit geleerd!
Een andere keer sprak iemand in een samenkomst in een geestelijke taal.
De gesproken taal bleek een van de dialecten van Oost-Azië te zijn.
Een zendeling met verlof kende die taal.
Ook hier had de spreker die taal nooit geleerd.
Zie ook een paar voorbeelden hiervan op andere plaatsen in deze studie.

is wel: door de Geest geheimenissen (verborgenheden) (be)spreken met God.
Dit kan eigenlijk alleen begrepen worden door iemand die deze gave diepgaand in zijn leven toepast.
In 1 Korintiërs 2:10 staat: “ .... want de Geest doorgrondt alles, ook de diepten van God.”
Alleen hij, die in geestelijke talen spreekt, ervaart in zichzelf een toenemende kennis van de diepten (= de diepste gedachten, de diepte van rijkdom, wijsheid en kennis) van God (Romeinen 11:33).
Het is ook bidden tot God, een lofzingen door de Geest en het is ook het uitspreken van een zegen.
Zie 1 Korintiërs 14:2, 15 en 16.

is wel: een boodschap van God voor de Gemeente.
Zo kunnen de geestelijke talen door de Heer eveneens gebruikt worden.
Dan hoort er wel vertaling bij.
Samen met vertaling zijn geestelijke talen, uitgesproken in de Gemeente, gelijk aan profetie (1 Korintiërs 14:5).


 
 



4.3 Verschillende talen (‘allerlei tongen’)

Er is sprake van verschillende geestelijke talen.
Dit betekent een veelheid aan talen.
Er is dus niet één taal, er zijn veel talen, die aan de gelovige door de Geest geïnspireerd worden.
In Korinte is er geen sprake van onkunde over de uitingen van de Geest, maar wél van onkunde over de manier waarop ze gebruikt moesten worden in de samenkomsten van de Gemeente.
De verdeling (de één dit, de ander dát) is dan ook niet om duidelijk te maken dat God aan de één blijvend deze uiting geeft en aan de ánder blijvend die uiting …
Paulus wijst op het gebeuren in de samenkomst van de Gemeente – daar en dan zal de Heer de uitingen van de Geest, incidenteel, ter plekke, ‘voor het gebruik’ verdelen.
Nu wordt ook duidelijk dat er gesproken wordt van verschillende talen (meervoud).
Het kan natuurlijk niet dat één persoon (tegelijk en/of door elkaar) verschillende geestelijke talen zal spreken.
Dat zou tegen het karakter van God ingaan, die immers een ‘God van orde’ is!


 
 



4.4 Door God gegeven

Laten we vooral bedenken – juist in kringen en Gemeenten waar zeer kritisch en gereserveerd de geestelijke talen aan de kant worden geschoven – dat het spreken in of van deze talen een door God gegeven werking is, door de heilige Geest in ons!
Alles wat van God komt, is goed!
En niets wat van God komt is overbodig!
Het is mogelijk dat wij niet precies de zin van een geschenk van God begrijpen.
Maar als God het heeft gegeven, hééft het zin!
Dán is het waardevol!
Laten we er dan met een open hart en een luisterend oor aandacht aan geven en de Heer vragen ons verstand te verlichten.




 
 



4.5 Hét teken

De Heer Jezus heeft op Golgotha de overwinning op satan en zijn demonen behaald.

Nadat Hij verheerlijkt was door de Vader, aan de rechterhand van God, heeft Hij de heilige Geest aan zijn leerlingen gegeven.
Toen zij gedoopt werden in deze Geest, kregen ze als teken: het kunnen spreken in geestelijke talen.
Het nieuwe is dat vóór die tijd deze werking van God nog nooit had plaatsgehad.
In het Oude Verbond is geen sprake van een vreemde, nieuwe of geestelijke taal van en door de Geest.

Het is hét teken dat behoort bij de gave van het Nieuwe Verbond, bij de doop in de heilige Geest.

Alle andere uitingen vinden we wel min of meer terug in het Oude Verbond, bij mensen die voorzien waren van de kracht van de heilige Geest.
Het waren slechts enkelingen, maar ze kenden de werkingen van de Geest van God.
Maar in de volheid van de tijd geeft de Heer Jezus, als teken van de uitstorting van de Geest, aan zijn leerlingen de mogelijkheid om in geestelijke talen te spreken.
Later, bij herhaalde Geestesdoop bij andere groepen van mensen, komt ook dit teken voor!

Geestelijke talen zijn tot:

opbouw van de gelovige zelf;
welzijn van allen;
voorbede;
herkenningsteken.
Gods goedheid kent geen grenzen!
Hij weet wie we zijn, hoe we gemaakt zijn en wat er van ons geworden is; in menselijk opzicht zijn we vaak zwak.
In elk geval in onze strijd tegen de duistere machten kunnen we met onze eigen menselijke geest geen stand houden.
Daarom komt Hij ons in liefde tegemoet.
Hij wil dat we sterk zullen zijn in Hem, in deze wereld, die beheerst wordt door ‘de wereldbeheersers van de duisternis, de demonen in de hemelse gewesten’ (zie Efeziërs 6:12).
Hij geeft ons daarom de ‘overvloed van genade en de gave van de gerechtigheid, zodat we door Jezus, als koningen kunnen heersen, voor eeuwig‘ (zie Romeinen 5:17).
Ook zullen we heersen over de zonde, die als een belager aan onze deur ligt en wiens begeerte naar ons uitgaat (zie Genesis 4:7).

« Vorige
| Volgende »

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu
eXTReMe Tracker